banner_kerk3.jpg
joomla responsive menu free

nieuwsflits

Verkiezing Predikant

Inzamelactie Biddag 2020

Binnenkort

  • zo 01 mrt. (20:15 - 21:00)
    Zing-Mee-Avond
  • wo 04 mrt. (19:45 - 21:30)
    Gemeenteavond met ds. Vreugdenhil
  • za 07 mrt. (09:00 - 10:00)
    Doopzitting
  • zo 15 mrt. (09:30 - )
    Bediening HD
  • wo 18 mrt. (10:00 - 12:00)
    Inloopochtend
  • wo 25 mrt. (14:30 - 16:15)
    Bijbelverspreiding dhr. A.H. van der Toorn
  • di 31 mrt. (19:45 - )
    Jaarlijkse ledenvergadering
  • za 04 apr. (08:00 - )
    Paaspakketten
  • wo 29 apr. (14:30 - 16:15)
    Rien Mouw natuurfotograaf leven op de Veluwe
  • wo 27 mei. (14:30 - 19:00)
    Student De Raaf
  • Contact WebMaster


    Schuilen bij God

    "Bij U schuil ik"
    Psalm 143:9

    Tijdens de tweede wereldoorlog moesten veel mensen, vooral in de grote steden, vanwege de bombardementen in schuilkelders een veilig heenkomen zoeken. Als de sirenes begonnen te loeien dan wist jong en oud: „Naar de schuilkelders. Straks vallen de bommen".
    David, de dichter van deze psalm, moest ook vele keren een veilig heenkomen zoeken in één of andere schuilplaats. Denk maar aan de tijd dat hij vluchten moest voor koning Saul. Wat werd David nagejaagd: "Gelijk een veldhoen op de bergen".
    Een bekende schuilplaats voor David en zijn mannen was de spelonk van Adullam. Daar vergaderde alle man, die benauwd was, en alle man, die een schuldeiser had, en alle man, wiens ziel bitterlijk bedroefd was.
    Misschien heeft David aan Adullam en aan al die ellendigen en berooiden moeten denken bij de woorden van deze psalm. Tegelijkertijd ziet David hoger, want hier is niet de spelonk Adullam maar de Heere Zelf zijn schuilplaats: "Bij U schuil ik". Hij mag weten dat de Heere zijn schuilplaats is. Te midden van grote nood en ellende roept hij uit: "Red mij, HEERE! van mijn vijanden; bij U schuil ik".
    Met al zijn vrees, terwijl de vijanden hem op de hielen zitten, neemt hij de toevlucht tot God en mag hij zich verbergen in de schuilplaats van de Allerhoogste. Zoals een schuw kuikentje onder de vleugels van de moederhen schuilt, zo mag David bij de Heere schuilen.
    Kunnen wij David nazeggen? Is de Heere onze schuilplaats? Of hebben wij nog geen schuilplaats nodig gekregen? Schuilen betekent immers dat we het gevaar zien, ervoor vrezen en daarom ergens beschutting en veiligheid zoeken.
    Velen hebben geen schuilplaats bij God nodig. Ze redden zichzelf. Ze zien het gevaar blijkbaar niet. Ze zondigen zonder de gevolgen te vrezen. Ze spelen met hun leven terwijl ze blind zijn voor de schade die ze zichzelf toebrengen.
    Zulke mensen zijn wij van nature! Totaal onbekend met het gevaar voor eeuwig verloren te zullen gaan vanwege de zonde. Blind voor de schade die wij onze kostbare ziel aandoen. Net als van de Laodicenzen moet van ons worden gezegd: "gij weet niet, dat gij zijt ellendig, en jammerlijk, en arm en blind en naakt".
    De blindheid van de gevallen mens is groot. We zien het gevaar niet van het zonder God, zonder Christus en zonder hoop in de wereld zijn. We zondigen alsof God niet over de zonde toornt, alsof er geen eeuwigheid en rechtvaardige straf op ons wacht.
    De gevaarlijkste slangen zijn het onzichtbaarste. Daar liggen de grootste gevaren, waar wij ze niet zien! Ernstig en dringend worden wij gewaarschuwd in het Woord om zonder God en buiten Christus niet verder te leven. Maar wie geeft er acht op? Wie zoeken een schuilplaats bij de Heere? Dat zijn allen die wakker geroepen zijn door de kracht van de Heilige Geest. De blinddoek is afgerukt. O, wat een ontwaken. We zien onze zondaarsnood. We gevoelen onze diepe ellende. Net als David beginnen we te roepen: "Red mij, Heere!".
    Wat een gevaar… geen schuilplaats te hebben voor het hart. Open te liggen voor de dodelijke vloek van de overtreden wet, geen bedekking te hebben tegen Gods rechtvaardige toorn over de zonde. Geen beschutting te hebben voor je kostbare ziel. Dit neemt alle rust en vrede weg uit ons hart. Hier wordt de noodzaak voor een schuilplaats dringend.
    Er is een eeuwige schuilplaats. Niet in de werken van de Wet. Niet in onze tranen en goede werken. Bij God is de schuilplaats. In de Heere Jezus Christus zijn zondaren veilig, eeuwig veilig. Van Hem zegt de profeet Jesaja: "En die Man zal zijn als een verberging tegen de wind, een schuilplaats tegen de vloed". Zijn Offer, Zijn gerechtigheid is de schuilplaats. Achter Zijn bloed is de grootste zondaar veilig.
    Vlucht tot Hem! Wie we ook zijn, er is een welkom tot Christus voor de grootste van de zondaren.
    Maar hoe kom ik die schuilplaats binnen? Dat is een goede vraag. U hoeft niet te komen met een prijs in uw hand. U hoeft ook niet te vrezen dat er geen ruimte over zal zijn of dat de schuilplaats vol zal zijn. Het enige wat nodig is om de schuilplaats binnen te gaan, is te bukken, want de toegang is ruim maar laag. Zo gaan zondaren in, ze worden behouden door vrees, om Christus wil. Omdat er voor Hem op Golgotha geen schuilplaats meer overbleef, is er de schuilplaats bij God.
    .

    Ds.W. Harinck